Geboren: 21-01-1929, Sneek

Leven en werk

Hessel Miedema werd op 21 januari 1929 in Sneek geboren en groeide op in Amsterdam. Aan de Universiteit van Amsterdam studeerde hij kunstgeschiedenis. Tijdens zijn studie maakte hij kennis met de dichters Marten Brouwer en Sybe Sybesma. Door hen kreeg hij belangstelling voor de Friese literatuur.

Na zijn afstuderen in 1957 werd hij directeur van museum Het Princessehof in Leeuwarden. Hij had echter heimwee naar Amsterdam en in 1963 ging hij terug naar de hoofdstad. Hij kreeg een baan als wetenschappelijk medewerker aan de UvA. In 1973 promoveerde hij met een dissertatie over Den grondt der edel vry schilder-const  door Karel van Mander. Als kunsthistoricus heeft hij veel publicaties op zijn naam staan, in het bijzonder over kunstschilder, schrijver en dichter Karel van Mander (1548 – 1606).

Literair werk
Door zijn contacten met Marten Brouwer, Sybe Sybesma en andere in Amsterdam wonende Friese dichters werd Hessel Miedema min of meer toevallig het Fries literaire wereldje ingetrokken. Daarvoor hield hij zich vooral bezig met beeldende kunst. Hij las in die tijd meestal werk van Nederlandse schrijvers als F. Bordewijk en Bert Schierbeek. In 1950 stak er een storm op in de Nederlandse literaire wereld, het was het jaar van de doorbraak van de zogenaamde ‘Vijftigers’. De Vijftigers en hun opvolgers hebben zo’n 15 jaar hun stempel op het poëtisch literair klimaat in Nederland gedrukt. Zij schreven experimentele poëzie: poëzie die spontaan, al associërend  bij de dichter opkwam. Dichten was een ervaring, de vorm zou tegelijk met het gedicht zelf ontstaan en kon niet in van te voren bepaalde vormen zoals een sonnet worden gegoten.

De vernieuwende literaire ideeën van de vijftigers werden enthousiast ontvangen door jonge Friese dichters van toen zoals Marten Brouwer, Jelle de Jong, Ella Wassenaar (pseudoniem van Lipkje Post-Beuckens), Sybe Sybesma en Steven de Jong. In 1954 richtten Marten Brouwer, Sybe Sybesma en Lambert Mulder het experimenteel literaire tijdschrift Quatrebras op. De dichters die in Quatrebras publiceerden verzetten zich tegen het, in hun ogen, establishment en provincialisme van het in Fryslân verschijnende tijdschrift De Tsjerne.

Hessel Miedema raakte al gauw betrokken bij Quatrebras, voordat hij redactielid werd maakte hij tekeningen en houtsneden voor het omslag van het blad.
Vooral door zijn werk voor Quatrebras werd Miedema een van de belangrijkste, maar tegelijk ook een van de meest controversiële figuren in de Friese literatuur. Dat kwam met name door de publicaties van zijn gedichten Stadich brekke de foarmen út ‘e skyl en De greate wrakseling. De greate wakseling  was experimenteel, de associatieve wijze van werken, het verbinden van elementen uit verschillende culturen en andere kunstvormen zoals beeldende kunst en muziek en de perspectiefwisselingen zijn ook vandaag de dag nog modern.

In de Fries literaire wereld werd en wordt Miedema gezien als kunstenaar, maar zelf relativeert hij dat begrip. In een interview met Gerbrich van der Meer (Friesch Dagblad,  2 maart 2005) zegt hij daar zelf over: ‘Mijn gedichtenschrijverij was gewoon spel. Ook al was  het wat De greate wrakseling  betreft wel een serieus spel’.

Afscheid van het schrijven
Het gedicht De greate wrakseling was voor Hessel Miedema tegelijk een soort van afscheid van zijn schrijverschap. In 1973 verscheen Op ‘e literêre toer, een verzamelbundel met het belangrijkste literaire werk van de schrijver. De bundel werd afgesloten met een Nederlandstalige brief, waarin Miedema zijn besluit om te stoppen met schrijven onder woorden brengt.

Volgens Miedema was het niveau van de kritieken en essays die verschenen in de Friese tijdschriften laag. Bovendien had hij er geen vertrouwen in dat het niveau ooit hoger zou worden, omdat de meeste intelligente jonge mensen, die misschien in staat zouden zijn daar iets aan te doen, uit Fryslân zouden vertrekken en op den duur hun interesse in de Friese literatuur zouden verliezen.
Ook Hessel Miedema zelf voelde geen noodzaak meer om nog langer in het Fries te schrijven. Het was een fase, die voorbij was toen hij terugverhuisde van Leeuwarden naar Amsterdam.

Het gedicht De greate wrakseling is in 2005, in een iets bewerkte versie, bij uitgeverij Venus opnieuw verschenen. Ter gelegenheid van het verschijnen van die uitgave werd in maart 2005 in Leeuwarden een symposium gehouden over Miedema en de Friese experimentelen.

Werk

Gedichten
1963: De greate wrakseling
1965: Bijdrage in: Skande, skande, sûnde, sûnde (een verzameling van niet eerder gepubliceerd werk uit de Quatrebras groep)
2005: De greate wrakseling: derde iets bewerkte druk

Diversen
1973: Op 'e literaire toer
1975: Omnikubus: 5 jier Koperative Utjowerij

Meer informatie
Jelle van der Meulen, Friese literatuursite

© Tresoar, 12-01-2006