Geboren: 07-10-1959, Scharsterbrug

Leven en werk

Simon Oosting is in Scharsterbrug geboren. Hij groeide op in Leeuwarden waar hij naar het Christelijk Gymnasium ging. In 1978 begon hij in Wageningen met de studie Tropische Veehouderij. Oosting studeerde in 1985 af. Hij promoveerde op een dierfysiologisch onderwerp; “Wheat straw as ruminant feed: effect of supplementation and ammonia treatment on voluntary intake and nutrient availability”(1993). Het onderzoek vond voor een deel plaats in Wageningen en voor een deel in India. Na zijn promotie werkte hij op onderzoeksinstituten in Canada en Noorwegen. In 1999 kwam hij terug in Wageningen. Oosting houdt zich nu bezig met de maatschappelijke kant van het houden van dieren bij de afdeling Dierwetenschappen.

Het schrijven van een essay, als onderdeel van zijn werk voor de leerstoelgroep Dierlijke productiesystemen, was de aanleiding voor het feit dat Oosting weer in het Fries ging schrijven. Hij schreef dat artikel, met de titel ‘Lân. Molke en minsken’, namelijk voor het literair/cultureel tijdschrift De Moanne (okt. 2002) in zijn moedertaal.

Het schrijven van gedichten en verhalen deed hij al op jonge leeftijd, publicatie bleef beperkt tot de schoolkrant en het blad van de Friese studentenvereniging WSSFS (Wageningsk Studinte Selskip foar Fryske Stúdzje). Zijn studie en latere werk aan de universiteit bracht mee dat hij zich lange tijd alleen bezig hield met vooral Engelstalige wetenschappelijke publicaties op het gebied van zijn vakgebied. Na zijn artikel in De Moanne kreeg hij weer aardigheid aan het schrijven van gedichten en verhalen in het Fries. Hij debuteerde als dichter in De Moanne/Trotwaer  met het gedicht ‘Midsimmer’ (juli 2003). Daarna publiceerde Oosting naast De Moanne/Trotwaer  ook in literair tijdschrift Hjir.
In 2004 kreeg hijvoor zijn gedichtencyclus ‘Yn it foarbygean’ een Rely Jorritsma-prijs toegekend.
In boekvorm debuteerde Simon Oosting in 2007 met de bundel Rauwe fisken op wynfearwolkens. De bundel is verdeeld in vier groepen: ‘Winterskoft’, ‘Seeën bylâns’, ‘Fierder’ en ‘Skilderstikken’. Eeltsje Hettinga heeft in zijn recensie van de bundel (go-gol, 2007) waardering voor met name de magisch-realistische gedichten in de bundel van Oosting. Over het gedicht ‘Edward Hopper op Skylge’, schrijft hij: ‘een bijna desperate tekst over licht, leegte en alleen zijn’. Edward Hopper (1882 – 1967), Amerikaans schilder, sterk in het uitbeelden van eenzame mensen in sinistere, lege ruimtes. Hettinga noemt Oosting een late debutant, maar wel een sterke debutant. Opvallend element in het werk van Simon Oosting is het contrast; dat tussen stad en dorp, het heden en verleden, tussen cultuur en natuur, tussen armoede en welvaart. Harmen Wind schreef in zijn recensie van de bundel (Leeuwarder Courant,  23-11-2007): ‘Ook al gaat het om klassieke thema’s, het is de combinatie van de sterke gevoelsdrang en de filosofische verdieping die de kwaliteit bepaalt van deze poëzie’.

In de verzamelbundel It each fan de griffioen,  waarin verhalen zijn opgenomen van hedendaagse Friese schrijvers, staat ook een verhaal van Simon Oosting. In het magisch-realistische verhaal met de titel ‘De flecht fan parkiten’ ontmoet de hoofdpersoon na een lange reis een vrouw die hij eerder geschilderd heeft. Maar de vrouw verdwijnt als hij haar zal aanspreken.

Werk

 

Proza

2006: verhaal ‘De flecht fan parkiten’ in verzamelbundel It each fan de griffioen

Poëzie
2007: Rauwe fisken op wynfearwolkens
2012: Hûnewacht

Prijzen
2004: Rely Jorritsma-prijs (gedichtencyclus: Yn ‘t foarbygean)
2008: Fedde Schurerpublyksprijs voor de bundel Rauwe fisken op wynfearwolkens

Meer informatie
Jelle van der Meulen, Friese literatuursite

Tresoar © 07-01-2009